Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) werkt aan goede en betrouwbare medicijnen in Nederland. Dit kunnen we niet alleen. Daarom werken we nauw samen met verschillende nationale ketenpartners en (patiënten)organisaties.

Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO)

De Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) is verantwoordelijk voor de bescherming van proefpersonen bij medisch-wetenschappelijk onderzoek. De Commissie toetst hierbij, samen met de medisch-ethische toetsingscommissies in ons land, of de onderzoeken aan de wettelijke eisen voldoen. Het CBG werkt nu in een pilot samen met de CCMO aan het geven van gemeenschappelijk wetenschappelijk advies.

Zorginstituut Nederland

Nadat het CBG een medicijn goedkeurt voor markttoelating, is het Zorginstituut Nederland (ZiN) aan zet. Het Zorginstituut adviseert de minister van Medische Zorg en Sport over toelating van een medicijn tot het geneesmiddelenvergoedingssysteem. Hierbij kijkt ZiN of de prijs van een medicijn gerechtvaardigd is. Op dit moment werken het CBG en ZiN onder andere aan het verkorten van de tijd tussen de registratie en de  vergoeding van een medicijn. Dit doen we in de pilot ‘Parallelle Procedures CBG-ZIN’. Daarnaast geeft het CBG samen met het ZiN wetenschappelijk advies als een firma vragen heeft over zowel de registratie als het vergoedingstraject van medicijnen.

Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) houdt toezicht op de veiligheid en kwaliteit van medicijnen in de dagelijkse praktijk. Dit betekent dat zij onder andere medicijnfabrikanten controleert. Het CBG en de IGJ werken intensief samen als er problemen zijn met de kwaliteit van een medicijn. Zo besluit de IGJ op advies van het CBG of een medicijn wordt teruggeroepen als een grondstof vervuild is. Ook werken we samen aan het oplossen van medicijntekorten en aan het verspreiden van risicocommunicatie, dringende, nieuwe informatie over medicijnen.

Bijwerkingencentrum Lareb

In opdracht van het CBG beheert Bijwerkingencentrum Lareb het landelijke meldingensysteem. Lareb verzamelt en analyseert de meldingen van vermoedelijke bijwerkingen die zorgverleners, patiënten en handelsvergunninghouders doorgeven. Als het nodig is, geeft Lareb een signaal door aan het CBG. Het College besluit dan of er actie ondernomen moet worden. Zo kan het CBG de bijsluiter aanpassen of zorgverleners waarschuwen voor risico’s. Onafhankelijk daarvan kan Lareb ook zelf informatie naar buiten brengen.

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) onderzoekt onder andere de veiligheid en het gebruik van medicijnen. Daarnaast brengt het RIVM advies uit aan organisaties als het CBG. Samen zetten het CBG en RIVM zich ook in voor patiëntveilige medicijnontwikkeling zonder proefdieronderzoek.

Nationale overleggen

Het CBG overlegt regelmatig met patiënten(vertegenwoordigers), zorgverleners en vertegenwoordigers uit de farmaceutische industrie. In de Commissie Praktijk gaat het CBG in gesprek met artsen, apothekers, apothekersassistenten en verpleegkundigen. Daarnaast is er periodiek overleg met patiënten- en consumentenorganisaties. Zo blijft het CBG op de hoogte van ervaringen met medicijnen in de praktijk. Onderwerpen van discussie zijn bijvoorbeeld de patiëntenbijsluiter, herhaalrecepten, medicijnen die zonder recept verkrijgbaar zijn en medicijnen voor kinderen, medicijntekorten, patiënteninformatie over belangrijke veiligheidsproblemen.

In de Commissie Advanced Therapy Medicinal Products (ATMP) overlegt het CBG met ketenpartners over ontwikkelingen van de ATMP’s. Onder ATMP's vallen producten voor weefselmanipulatie, gen- en somatische celtherapie. De Contact Commissie Registratie (CCR) is een overleg tussen het CBG en koepelorganisaties van de farmaceutische industrie. Tijdens deze bijeenkomsten bespreken deelnemers actuele, nieuwe ontwikkelingen en maken zij zo mogelijk afspraken om gezamenlijke problemen op te lossen.