Er zijn verschillende manieren om niet zwanger te worden als je seks hebt. Anticonceptie in de vorm van een medicijn of medisch hulpmiddel, met of zonder hormonen. Vooral over de anticonceptie met hormonen gaan er veel beweringen rond. Want zijn deze hormonen slecht voor je lichaam? En klopt het dat deze hormonen zorgen voor vervelende bijwerkingen?

*Muziek begint*
[VROUW] Nee, op dit moment niet.
Ik heb wel een tijdje de pil gebruikt,
maar daar ben ik mee gestopt.
Ik heb de spiraal.
Nee, nog niet.
Ik had eerst de pil, maar nu een spiraal.
Al zou ik seks hebben,
dan zou ik een condoom gebruiken.
Ik heb een spiraaltje.
Anticonceptie gebruik je
om ervoor te zorgen
dat je niet zwanger wordt als je seks hebt
of om geen klachten te hebben
van je ongesteldheid.
Er zijn veel verschillende soorten
anticonceptie, met en zonder hormonen.
De bekendste anticonceptie met hormonen
zijn 'de pil' en de hormoonspiraal.
Een koperspiraal en condoom
vallen onder anticonceptie
zonder hormonen.
Anticonceptie met hormonen,
maar ook de koperspiraal,
werken uitstekend om ervoor te zorgen
dat je niet zwanger wordt.
*Muziek*
Je wordt er vaak ook wat forser van
in het begin.
Bij meiden volgens mij oestrogeen
en bij jongens testosteron.
Dat is eigenlijk een beetje
wat ik ervan weet.
Die beïnvloeden je lichaam.
Die maken je man of vrouw
en komen vooral voor in de puberteit.
Hormonen zorgen nog
voordat je geboren bent
voor de groei van geslachtsdelen.
In de puberteit zorgen ze ervoor
dat je lichaam verandert
en ze spelen een belangrijke rol
bij bevruchting en zwangerschap.
De hormonen in anticonceptie zorgen ervoor
dat er geen eitje uit de eierstokken komt.
Er is dan geen eitje
dat kan worden bevrucht door een zaadcel.
Bij veel soorten anticonceptie
krijg je een ongesteldheid
met minder bloedverlies en pijn.
Bij sommige soorten anticonceptie
word je niet ongesteld.
De hormonen in anticonceptie
lijken erg op de hormonen
die je lichaam zelf aanmaakt.
Je hebt de pil, je kan een buisje
in je arm zetten, condooms natuurlijk.
Hoe heet zo'n ding ook alweer?
-Een spiraal.
Een spiraal inderdaad,
die heeft mijn zus gehad.
Je hebt anticonceptie met 2 hormonen
en met 1 hormoon.
Voorbeelden van anticonceptie
met 2 hormonen zijn:
de combinatiepil,
de vaginale ring en de hormoonpleister.
In anticonceptie met 1 hormoon
zit alleen progestageen.
Denk hierbij aan: de hormoonspiraal,
de minipil en het hormoonstaafje.
*Muziek*
Stemmingswisselingen en zo,
dat vond ik gewoon niet fijn.
Dus ik dacht ik kap ermee.
Ik weet niet wat het met me doet
en ik hoor van vriendinnen
dat het mentaal heel veel met je kan doen.
Dat je niet lekker in je vel kan zitten
daardoor, dus dan zou ik het niet willen.
Ik weet wel
dat ik echt heel veel was aangekomen
toen ik aan de pil zat,
en toen ik er vanaf ben gegaan
ook weer heel veel ben afgevallen
in de tussentijd.
Ik had ook wel echt stemmingswisseling,
dat wel echt heel erg, maar voor de rest...
Niet iedere vrouw heeft bijwerkingen
of krijgt dezelfde klachten.
Dat is niet gek,
want elke vrouw is weer anders.
Veel vrouwen krijgen geen bijwerkingen.
Maar 1 op de 10 krijgt wel last
van pijnlijke of gevoelige borsten
of stemmingswisselingen.
Als je met anticonceptie begint,
is het aan te raden
om je lichaam de tijd te geven
om aan het middel te wennen.
De meeste bijwerkingen verdwijnen namelijk
na de eerste 3 maanden.
Als Nederlandse Medicijnautoriteit
beoordelen we deze anticonceptiemiddelen.
We kijken of het werkt,
naar de bijwerkingen,
en of de kwaliteit in orde is.
Pas na onze goedkeuring
mogen ze op de markt komen.
Ook nadat een anticonceptiemiddel
op de markt is, blijven we de veiligheid
en werkzaamheid goed in de gaten houden.
Mijn vriendinnen hadden de spiraal,
dus ik dacht:
ik neem er ook één, lekker makkelijk.
Ik heb met mijn huisarts gebeld
en die heeft gevraagd:
waar heb je last van?
En toen heeft die eigenlijk gewoon
dit aangeraden
en toen hebben we heel
het traject doorlopen qua:
wat vind je fijn,
en wil je dat wel echt doen?
Want het is wel een grote ingreep.
Toen heb ik hem gewoon laten zetten
en het bevalt me heel goed eigenlijk.
We hebben wel veel op school geleerd
over anticonceptie en dat soort dingen,
en gewoon met mijn ouders
kan ik dat ook bespreken.
Het komt ook wel, denk ik,
bij vriendinnen vandaan hoor.
Maar anders ook wel een beetje
van filmpjes op YouTube of TikTok,
noem het allemaal maar op.
Welke anticonceptie je gebruikt,
bepaal je zelf.
Maar maak wel je keuze
op basis van betrouwbare bronnen.
Heb je vragen of ervaar je bijwerkingen?
Ga dan naar je dokter
en kijkt samen wat de beste vorm
van anticonceptie voor jou is.
*Muziek speelt en fadet uit*
Wat is anticonceptie?
Anticonceptie, dat betekent letterlijk: tegen conceptie. Dat wil zeggen: tegen bevruchting. Anticonceptiemiddelen worden gebruikt om een zwangerschap te voorkomen. Ook kan anticonceptie helpen om minder bloedverlies en pijn te hebben tijdens je ongesteldheid.
Soorten anticonceptie
Er zijn verschillende vormen van betrouwbare anticonceptie beschikbaar. Anticonceptie met hormonen: o.a. anticonceptiepil, -ring, en –pleister, het hormoonstaafje en de hormoonspiraal. En anticonceptie zonder hormonen zoals de koperspiraal. Onder anticonceptie zonder hormonen vallen ook het condoom en pessarium. Deze kunnen als aanvulling op andere anticonceptie gebruikt worden.
Welke anticonceptie bij jou past, is heel persoonlijk. Neem contact op met jouw arts om te kijken naar de mogelijkheden.
Soorten anticonceptie

Anticonceptie is maatwerk. Ieder lichaam is anders. Wat voor de een goed werkt, kan voor de ander minder geschikt zijn. – Dr. Janneke Belo, huisarts en Collegelid
Het CBG is verantwoordelijk voor de beoordeling van de werkzaamheid en de veiligheid van hormonale anticonceptie.
Voor de anticonceptie zonder hormonen beoordeelt het CBG alleen de werkzame stof in het middel. Het CBG controleert of een koperspiraal genoeg koper bevat voor een goede werking. We beoordelen niet de rest van het middel. Voor warenwet middelen en medische hulpmiddelen zijn andere organisaties verantwoordelijk. Namelijk de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).
Anticonceptie met hormonen
In hormonale anticonceptie zitten 1 of 2 hormonen. Maar wat zijn hormonen eigenlijk? En wat doen ze in je lichaam?
Wat doen hormonen in je lichaam?
Hormonen zijn stofjes die natuurlijk voorkomen in het lichaam. Ze regelen en beïnvloeden verschillende functies.
De geslachtshormonen van een vrouw zorgen er bijvoorbeeld voor dat het lichaam zich elke maand opnieuw voorbereidt op een mogelijke zwangerschap. Dit doen twee hormonen: estradiol en progesteron. De eierstokken maken estradiol. Het zorgt voor de groei van het eitje in de eierstokken en de groei van de baarmoederwand. Als een eitje groot genoeg is, stijgt het ‘luteïniserend hormoon’. Dit hormoon zorgt voor de eisprong. Als een zaadcel een eitje bevrucht, kun je zwanger worden. Na de eisprong stijgt het progesteron. Dit zorgt ervoor dat de baarmoederwand dikker wordt. Als er geen bevruchting is, daalt het estradiol en progesteron in het bloed weer. De extra baarmoederwand wordt afgestoten, en je wordt ongesteld.
De hormonen die in anticonceptiemiddelen zitten lijken heel sterk op estradiol en progesteron. Ze hebben daarom ook dezelfde werking.
Steeds vaker hoor ik in mijn praktijk over het gebruik van apps en thermometers. Omdat vrouwen geen synthetische hormonen willen in hun lichaam. Het is goed om je lichaam beter te leren kennen. Maar het gebruik van deze middelen als anticonceptiemethode? Dat raad ik sterk af als je niet zwanger wilt worden. – Dr. Janneke Belo, huisarts en Collegelid
Anticonceptie met 2 hormonen
Anticonceptiemiddelen met twee hormonen bestaan uit progestageen en oestrogeen.
Progestageen zorgt ervoor dat het ‘luteïniserend hormoon’ niet stijgt. Als dit hormoon niet stijgt, komt er geen eisprong. En zonder eitje is er geen bevruchting mogelijk. Het oestrogeen zorgt ervoor dat de maandelijkse ongesteldheid regelmatig is.
Voorbeelden van anticonceptiemiddelen met twee hormonen:
- Combinatiepil (ook wel: de pil)
- Vaginale ring
- Hormoonpleister
Anticonceptie met 1 hormoon
Anticonceptiemiddelen met één hormoon bestaan uit alleen progestageen. Net zoals bij anticonceptie met twee hormonen, zal het progestageen ervoor zorgen dat er geen eisprong is. Omdat er in deze anticonceptie het hormoon oestrogeen ontbreekt, kan er in de eerste maanden onregelmatig bloedverlies zijn. Daarna wordt het bloedverlies steeds minder en kan helemaal verdwijnen. Je hebt dan geen maandelijkse ongesteldheid meer.
Voorbeelden van anticonceptiemiddelen met één hormoon (progestageen):
- Pil met alleen progestageen
- Hormoonspiraal
- Hormoonstaafje (in de arm)
- Prikpil injectie met progestageen
- Drie-maandelijkse injectie (injectie onder de huid of in de spier van bovenbeen)
Waar bij de meeste anticonceptie met 1 hormoon er geen eisprong is, werkt dit voor de hormoonspiraal net even anders. Het hormoon progestageen werkt bij de hormoonspiraal vooral in de baarmoeder. In de eierstok kan dan wel een eisprong plaatsvinden. Maar de baarmoederwand wordt niet dikker. Zo kan een bevruchte eicel niet innestelen in de baarmoeder. Omdat de baarmoederwand niet meer elke maand dikker wordt, wordt de ongesteldheid steeds minder. In veel gevallen verdwijnt de ongesteldheid zelfs helemaal.
Hoe goed werkt anticonceptie?
Anticonceptie met hormonen en de koperspiraal beschermt in meer dan 99% van de gevallen tegen een ongewenste zwangerschap. Een condoom of pessarium beschermt minder goed. De kans op een zwangerschap is bij deze middelen ongeveer 8-16%. Om deze reden is het aan te raden om een condoom of pessarium alleen als aanvulling op je anticonceptie te gebruiken.
0 tot 100%
Hoe goed bieden verschillende anticonceptiemethodes bescherming?
Pil, ring of pleister met 2 hormonen: >99%
Pil, staafje of 3-maandelijkse injectie met 1 hormoon: >99%
Koperspiraal of hormoonspiraal: >99%
Condoom of pessarium: 84-92%
Temperatuurmethode: 76-80%
Bijwerkingen anticonceptie
Zoals bij alle medicijnen kunnen anticonceptiemiddelen met hormonen ook bijwerkingen geven. Door de verschillende werking van oestrogeen en progestageen, hebben anticonceptiemiddelen met 1 of 2 hormonen ook andere bijwerkingen.
De meest voorkomende bijwerkingen bij anticonceptie met 2 hormonen zijn:
- Stemmingswisselingen
- Gevoelige of pijnlijke borsten
- Puistjes (acne)
- Hoofdpijn
- Misselijkheid en buikpijn
- Doorbraakbloedingen in de eerste maanden
- Gewichtstoename door tijdelijk vasthouden van vocht
De meest voorkomende bijwerkingen van anticonceptie met 1 hormoon zijn:
- Onregelmatig bloedverlies in de eerste 3 tot 6 maanden
- Stemmingswisselingen
- Gevoelige of pijnlijke borsten
- Puistjes (acne)
- Hoofdpijn
- Minder zin in seks
Bovenstaande bijwerkingen komen bij 1 tot 10% van de vrouwen voor.
Bijwerkingen komen vooral voor in de eerste drie maanden. Daarna verdwijnen de bijwerkingen of worden ze minder. Als je ook na die eerste periode nog last hebt van bijwerkingen, bespreek dit dan met jouw arts. Samen kun je bekijken of het anticonceptiemiddel dat je gebruikt de beste keus is voor jou.
Geloof niet alle verhalen van influencers op sociale media, maar maak gebruik van betrouwbare bronnen. Ervaar je vervelende bijwerkingen of heb je vragen over anticonceptie, neem vooral contact op met je huisarts. – Dr. Janneke Belo, huisarts en Collegelid
Trombose
Bij anticonceptiemiddelen met twee hormonen is er een klein verhoogd risico op trombose. Trombose is een stolsel in een bloedvat. Dit verhoogde risico komt door het oestrogeen. Bij anticonceptiemiddelen met alleen progestageen is er geen verhoogd risico.
Klachten die kunnen wijzen op trombose zijn o.a.:
- Pijn en dikker worden van het been
- Plotselinge kortademigheid
- Pijn op de borst
Beoordeling anticonceptie
Veel anticonceptiemiddelen zijn al tientallen jaren op de markt, zoals de pil. Wereldwijd gebruiken meer dan 100 miljoen vrouwen elke dag de pil, waarvan meer dan 2 miljoen vrouwen in Nederland. Ongeveer 400.000 vrouwen in Nederland gebruiken alternatieve vormen van anticonceptie, zoals een spiraaltje. En er wordt nog steeds veel onderzoek gedaan naar nieuwe vormen van anticonceptie, met én zonder hormonen. We weten dus heel veel over hoe het werkt en wat de bijwerkingen zijn.
Als Nederlandse medicijnautoriteit beoordelen we, samen met andere Europese landen, alle anticonceptiemiddelen met hormonen. We kijken of het werkt, wat de bijwerkingen zijn én of de kwaliteit in orde is. Pas na onze goedkeuring mogen ze op de markt komen. En dan pas kan de dokter het voorschrijven. Ook na goedkeuring blijven we werkzaamheid en veiligheid goed in de gaten houden. En als er iets aan de hand is ondernemen we actie.
Veelgehoorde beweringen over anticonceptie
De hormonen in de pil lijken heel erg op de hormonen die je lichaam zelf maakt. Ze werken ook hetzelfde. Deze hormonen zijn niet slecht voor je lichaam.
De hoeveelheid hormonen (estradiol en progesteron) in het bloed verandert sterk tijdens de periode van een natuurlijke menstruatiecyclus. Dit kan invloed hebben op je stemming vlak voor je ongesteldheid. Dit heet ook wel het premenstrueel syndroom (PMS).
Door het gebruik van anticonceptie met hormonen worden de schommelingen van de hormonen in je bloed minder. Dit komt omdat je elke dag een kleine hoeveelheid hormonen inneemt. Dit kan zorgen voor minder stemmingswisselingen. Maar soms hebben vrouwen juist meer last van stemmingswisselingen. Soms kan dit omslaan in depressieve gevoelens.
Als je last hebt van bijwerkingen door anticonceptie, bespreek dit dan met je arts. Het kan zijn dat een andere anticonceptie meer geschikt is voor jou.
Hormonale anticonceptie zorgt ervoor dat de hormoonschommelingen in je bloed minder worden. De ene vrouw vindt het fijn om minder schommelingen te hebben. Bijvoorbeeld wanneer je sombere gevoelens voor je ongesteldheid ervaart. De ander vindt het juist prettig om wel die emotionele gevoelens te ervaren die je kan hebben voor je ongesteldheid. Het is dus voor iedereen anders.
Begin je met hormonale anticonceptie, zoals de pil? Dan kan je lichaam door de hormonen wat meer vocht vasthouden. Doordat je vocht vasthoudt, neemt je gewicht een klein beetje toe. Na een paar maanden raakt je lichaam gewend aan de hormonen. Het vocht verdwijnt en het gewicht dat je aankwam dus ook.
Door hormonale anticonceptie heb je inderdaad geen natuurlijke cyclus. De hoeveelheid hormonen blijft gelijk. Het progestageen zorgt ervoor dat je geen eisprong krijgt. Bij hormonale anticonceptie met 2 hormonen heb je een maandelijkse stopweek. In deze stopweek daalt de hoeveelheid hormonen, net zoals bij de natuurlijke cyclus. Daardoor word je ongesteld.
Het is niet erg dat je geen natuurlijke cyclus hebt. Als je stopt met de anticonceptie met hormonen, start je lichaam weer met de natuurlijke cyclus. Dat gebeurt ook al als je de pil 1 of meer dagen vergeet in te nemen. Vanaf dat moment kun je weer zwanger worden.
Bij de combinatiepil heb je de laatste 4 tot 7 dagen van elke maand een pilvrije pauze of neem je tabletten zonder hormonen in (placebotabletten). Dit staat in de meeste bijsluiters van de pil. In deze periode dalen de hormonen in het bloed en begint je ongesteldheid. Dan wordt de dikker geworden baarmoederwand weer afgestoten, net als bij de natuurlijke ongesteldheid. Deze ongesteldheid geeft vaak minder bloedverlies en minder pijn dan bij een gewone ongesteldheid. In de bijsluiter staat ook dat je een ongesteldheid één keer kunt uitstellen door geen pilvrije pauze te nemen óf hormoonvrije tabletten te slikken. Dan dalen de hormonen niet. Je hebt dan ook geen ongesteldheid. Langer ‘doorslikken’ van de pil als anticonceptie is bij de meeste combinatiepillen niet wetenschappelijk onderzocht. Dit staat daarom niet in de bijsluiter. Maar het doorslikken van de pil is wel onderzocht bij andere aandoeningen. Daarom weten we dat het doorslikken tot 1 jaar geen kwaad kan. Wel heb je bij langer doorslikken meer kans op een doorbraakbloeding. Dit komt doordat het baarmoederweefsel niet elke maand wordt afgestoten. Als een doorbraakbloeding niet snel stopt, is een pilpauze van 4 tot 7 dagen nodig. In deze pauze zal de bloeding stoppen. Is dit niet het geval? Ga dan naar je huisarts voor advies.
Wil je een ongesteldheid langer dan een jaar uitstellen? Bespreek dit dan met je huisarts. Er zijn ook andere hormonale anticonceptiemiddelen die geen ongesteldheid meer geven.
Deze informatie over het doorslikken van de pil is afkomstig uit de Nederlandse huisartsenrichtlijn.
Vanaf vijf tot zes dagen voor de eisprong tot twee dagen na je eisprong kan een zaadcel het eitje bevruchten. Zaadcellen van de man kunnen namelijk tot vijf dagen overleven in je eileiders of baarmoeder. Er zijn dus tenminste acht dagen in je cyclus dat je zwanger kunt raken.
Daarnaast is het erg lastig om exact te weten wanneer je eisprong is. Niet elke menstruatiecyclus is even lang, vooral niet als je jonger bent.
Als je echt niet zwanger wilt worden is het daarom verstandig om tijdens je hele cyclus anticonceptie te gebruiken.
Het is erg lastig om exact vast te stellen wanneer je eisprong is. Dit komt doordat je lichaamstemperatuur tijdens de eisprong gemiddeld maar 0,2 tot 0,5 graad Celsius hoger is dan normaal. Daarnaast kunnen heel veel factoren invloed hebben op je lichaamstemperatuur. Denk aan seks, een avondje stappen, het gebruik van drugs of alcohol, ziek zijn, laat naar bed gaan en het gebruik van andere medicijnen. Ook kan het tijdstip van de meting invloed hebben. Zo zou je iedere dag op hetzelfde tijdstip moeten meten, nog voordat je opstaat.
Het meten van je eisprong en zo bepalen of je vruchtbaar bent, is dus niet zo betrouwbaar. Als je echt niet zwanger wilt worden, is het verstandig om een betrouwbaar anticonceptiemiddel te gebruiken.
Net zoals elk medicijn, kent de pil ook bijwerkingen. Vaak verdwijnen deze bijwerkingen na ongeveer drie maanden. Bijwerkingen die veel voorkomen zijn o.a. hoofdpijn, stemmingswisselingen en gevoelige borsten. Bijwerkingen kunnen per persoon verschillen.
Heb je na paar maanden nog last van vervelende bijwerkingen? Dan is het verstandig om dit samen met jouw arts te bespreken. Het kan zijn dat een ander anticonceptiemiddel beter bij jou past.
Borstvoeding maakt de kans dat je zwanger wordt kleiner. Dit komt door het hormoon prolactine, dat je aanmaakt als je borstvoeding geeft. Dit geldt alleen als borstvoeding de enige voeding is die je baby krijgt én als je nog niet ongesteld bent. Dat is erg lastig te bepalen omdat je na de bevalling ook nog 6 weken bloed blijft vloeien. Er is dus altijd een kans dat je wel zwanger wordt. Als je echt niet zwanger wilt worden, is het daarom aan te raden om een betrouwbaar anticonceptiemiddel te gebruiken. Ook als je borstvoeding geeft.
In de eerste weken na de bevalling kun je kiezen uit verschillende vormen van anticonceptie met 1 hormoon (progestageen), zoals de minipil, het hormoonstaafje, en een 3-maandelijkse injectie. De injectie kun je starten 3 tot 4 maanden na de bevalling. Het hormoonspiraaltje kan worden geplaatst 6 weken na de bevalling. Uit onderzoek blijkt dat deze anticonceptiemiddelen geen nadelige invloed op de moedermelk hebben en de ontwikkeling van het kind niet beïnvloeden.
Meer informatie
Wil je meer informatie over anticonceptie? Neem contact op met jouw arts voor meer informatie over de verschillende betrouwbare anticonceptiemiddelen die er zijn. Samen kun je bekijken wat het beste middel is voor jou.
Op onze Geneesmiddeleninformatiebank zijn álle bijsluiters van anticonceptiemiddelen met hormonen digitaal te vinden.
