Nationaal netwerk

Het CBG werkt nauw samen met met nationale partners Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ), het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) en Bijwerkingencentrum Lareb.

Geneesmiddelenbewaking

Op het gebied van geneesmiddelenbewaking (farmacovigilantie) zijn samenwerkingsovereenkomsten met de afdeling farmaco-epidemiologie van de Universiteit Utrecht (UU) en de universiteit van Rotterdam (Erasmus MC). Gesteund door deze samenwerking heeft het CBG binnen Europa een vooraanstaande plaats ingenomen bij de beoordeling van zogenaamde Risk Management Plannen. In opdracht van het CBG beheert Bijwerkingencentrum Lareb het landelijke spontane meldingensysteem. Lareb verzamelt en analyseert meldingen van vermoedelijke bijwerkingen die door zorgverleners, patiënten en handelsvergunninghouders worden doorgegeven. Zo nodig geeft Lareb een signaal af aan het CBG, zodat deze verdere actie kan ondernemen.

Oncologie

Op het gebied van de oncologie werkt het CBG al geruime tijd samen met het Nederlands Kanker Instituut (NKI) in Amsterdam. Voor diabetes zijn samenwerkingsovereenkomsten aangegaan met diabetescentra van het VU Medisch Centrum in Amsterdam en het Radboudumc in Nijmegen.

Psychiatrie, neurologie en vaccins

Samenwerking met de Universiteit Utrecht op het gebied van psychiatrie en neurologie en op het gebied van vaccins is in ontwikkeling. Om de beoordeling van geneesmiddelen voor kinderen te versterken, heeft het CBG een klankbordgroep kindergeneesmiddelen opgericht. Deze samenwerking stimuleert een vruchtbare informatie- en kennisuitwisseling tussen de organisaties. Hierdoor kan een nog betere afweging van de balans tussen werkzaamheid en risico's van geneesmiddelen plaatsvinden.

Wetenschappelijke verankering

Veel van de klinische beoordelaars van het CBG werken ook als specialist in een academisch ziekenhuis, waardoor hun kennis en eigen netwerk up-to-date is en blijft.

Regulier overleg

Het CBG heeft regulier overleg met diverse stakeholders, zoals patiënten- en consumentenorganisaties, beroepsgroepen, en de koepelorganisaties van de farmaceutische industrie. In deze bijeenkomsten worden onderwerpen van wederzijds belang besproken en zo mogelijk afspraken gemaakt om gezamenlijke problemen op te lossen.