Bezwaarprocedure

Uit de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) volgt dat degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken (hierna: belanghebbende) daartegen bezwaar kan maken.

Een belanghebbende kan alleen een bezwaarschrift bij het College indienen als dit bezwaarschrift is gericht tegen een besluit van het College. Gedurende zes weken na de dag waarop het besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt, kan door belanghebbende bezwaar worden gemaakt. Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en naam en adres van de indiener bevatten, net als de dagtekening en een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht. Verder moeten de gronden van bezwaar zijn aangegeven.

Bezwaarschriftencommissie

Het College heeft de voorbereiding van een te nemen beslissing op het bezwaar opgedragen aan enkele leden van het College en ambtenaren van het agentschap CBG. Zij vormen samen de bezwaarschriftencommissie.

Hoofdregel is dat het bestuursorgaan waarbij een bezwaarschrift is ingediend de belanghebbende in de gelegenheid stelt te worden gehoord (art. 7:2 Awb). De belanghebbende kan ervoor kiezen mondeling te worden gehoord, in de vorm van een hoorzitting, of een schriftelijke zienswijze in te dienen bij het College.

De bezwaarschriftencommissie adviseert het College over de te nemen beslissing op bezwaar. In de Collegevergadering neemt het College de beslissing.

Beslistermijn

Het College beslist gemiddeld binnen drie maanden op een bezwaar. De bij het bezwaar betrokken partijen kunnen vaak niet op korte termijn op hoorzitting verschijnen en een beslissing op bezwaar dient te worden geagendeerd voor de Collegevergadering die slechts één keer per maand plaatsvindt.

Voor de bezwaarschriftenprocedure heeft het CBG het Beleidsdocument Bezwaarschriftenprocedure, het Reglement Bezwaarschriftencommissie en het Benoemingsbesluit Bezwaarschriftencommissie opgesteld.