Besluitvorming, onafhankelijkheid en integriteit

Beoordelen vraagt een goed gevoel voor wat relevant is voor patiënten, voor wat artsen belangrijk vinden, voor hoe de medische praktijk zich ontwikkelt.

Om te kunnen beschikken over de beste expertise hebben beoordelaars van het CBG constante interactie met de medische praktijk en zijn sommige beoordelaars eveneens werkzaam bij de academische ziekenhuizen. Bij de uitvoering van deze taken is het essentieel dat zowel de deskundigheid alsook de onafhankelijkheid en integriteit van de Collegeleden, de medewerkers van het CBG en externe experts zijn gewaarborgd. Daarnaast is in het kader van goed openbaar bestuur de totstandkoming en uitvoering van een Collegebesluit relevant evenals het toezicht op het College en de financiering.
 
Collegeleden zijn werkzaam in de dagelijkse klinische, farmaceutische of wetenschappelijke praktijk. Zij vertegenwoordigen een scala van specialismen die een relevante rol spelen bij keuzen en besluitvorming rondom geneesmiddelen, zoals huisartsgeneeskunde, interne geneeskunde, (ziekenhuis)farmacie en toxicologie. Ook vertegenwoordigen zij specialismen die zich op speciale patiëntgroepen richten, zoals geriatrie.
 
Op grond van de Geneesmiddelenwet bestaat het College uit maximaal 17 personen. De leden van het College worden benoemd door de minister van VWS. De benoemingsperiode is telkens 4 jaar en herbenoeming is mogelijk. Het is voor het adequaat functioneren van het College van groot belang dat er een goede balans bestaat tussen het borgen van schaarse, specialistische en onafhankelijke kennis en het stimuleren van vernieuwing. De minimale benoemingsduur voor een effectief College-lidmaatschap bedraagt twee periodes van 4 jaar, en de ideale benoemingsduur bedraagt drie periodes van 4 jaar.