over CBG

Deze hoofdrubriek bevat 5 rubrieken:

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) beoordeelt en bewaakt de werkzaamheid, risico's en kwaliteit van geneesmiddelen voor mens en dier. Ook beoordeelt het CBG de veiligheid van nieuwe voedingsmiddelen voor de mens.

College

Het College bestaat uit een voorzitter en ten minste 9 en ten hoogste 17 andere leden (artsen, apothekers en wetenschappers). Voorzitter en leden worden benoemd door de Minister van VWS. De ambtstermijn van de voorzitter en de leden is 4 jaar en kan twee keer worden verlengd met 4 jaar door herbenoeming. De werkwijze en verantwoordelijkheden van het College zijn vastgelegd in de Geneesmiddelenwet.

Agentschap CBG

De leden van het College worden in hun werk ondersteund door de ruim 300 medewerkers van het Agentschap CBG (aCBG). Het Agentschap is als onderdeel van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) verantwoordelijk voor de voorbereiding en uitvoering van de besluiten van het College en de coördinatie van de geneesmiddelenbewaking in Nederland.

Het Agentschap doet ook de beoordeling van diergeneesmiddelen via Bureau Diergeneesmiddelen en de beoordeling van nieuwe voedingsmiddelen via Bureau Nieuwe Voedingsmiddelen. Het CBG is echter niet verantwoordelijk voor de besluitvorming en verstrekken van handelsvergunningen van diergeneesmiddelen en nieuwe voedingsmiddelen. Het Bureau Diergeneesmiddelen bereidt de besluitvorming voor van de Commissie Registratie Diergeneesmiddelen. Deze Commissie adviseert de Minister van Economische Zaken, die beleidsmatig en politiek verantwoordelijk is.

In Nederland is het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) de bevoegde autoriteit voor beoordeling van nieuwe voedingsmiddelen. De minister vraagt het Bureau Nieuwe Voedingsmiddelen van het CBG om een wetenschappelijke beoordeling van de veiligheid voor de consument.