Uitzondering schorsing handelsvergunningen diergeneesmiddelen met hulpstof diethanolamine

Op 24 juli 2018 heeft Nederland op basis van de opinie van het Committee for Medicinal Products for Veterinary Use (CVMP) besloten om de vergunningen voor het in de handel brengen van alle diergeneesmiddelen met diethanolamine voor voedselproducerende dieren te schorsen.

Tijdens de schorsing zijn signalen uit het veld ontvangen dat voor bepaalde indicaties bij paarden geen gelijkwaardig alternatief beschikbaar is voor diergeneesmiddelen met flunixine.

Vanwege dit beschikbaarheidsprobleem is opnieuw gekeken naar de risico’s bij het gebruik van deze diergeneesmiddelen. De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft daarom besloten om voor paarden, die na de slacht niet voor menselijke consumptie beschikbaar komen, een uitzondering te maken.

Dit betekent dat in de periode van schorsing, diergeneesmiddelen met flunixine:

  • toegepast mogen worden door een dierenarts bij paarden die niet voor menselijke consumptie zijn bestemd. Dit moet in het paardenpaspoort zijn vastgelegd.
  • geleverd mogen worden door - of in opdracht van - de houder van de handelsvergunning van het diergeneesmiddel aan een dierenarts, na een bestelling van de dierenarts.