Aanbevelingen CMDh 17-19 september 2018

De productinformatie (SmPC en bijsluiter) van diverse geneesmiddelen moet worden aangepast als gevolg van periodieke veiligheidsrapportbeoordelingen (PSUR’s). De CMDh heeft dit besloten op basis van de aanbevelingen van het geneesmiddelenbewakingscomité PRAC en de bijbehorende beoordelingsrapporten. Verder is er een PSUR follow-up procedure gestart voor intra-uteriene voorbehoedmiddelen met levonorgestrel (IUD).

Aanpassingen productinformatie als gevolg van PSUSA-beoordelingen

Het gaat om de geneesmiddelen met de volgende werkzame stoffen:

  • 5-fluorouracil (voor intraveneus  gebruik). Toevoeging van een contra-indicatie in patiënten met volledige DPD-deficiëntie (ontbreken van dihydropyrimidine dehydrogenase enzymactiviteit). Toevoeging van een waarschuwing voor het risico op ernstige toxiciteit bij patiënten met verlaagde DPD-enzymactiviteit. Toevoeging van waarschuwingen in relatie tot cardiotoxiciteit en encefalopathie. Toevoeging van de bijwerkingen febriele neutropenie met de frequentie ‘vaak’, infecties met de frequentie ‘zeer vaak’, hartstilstand met de frequentie ‘zeer zelden’, pericarditis met de frequentie ‘niet bekend’, en encefalopathie met hyperammoniëmie met de frequentie ‘niet bekend’. Toevoeging van uitleg de bijwerking leuko-encefalopathie niet afhankelijk is van de gebruikte dosering of het al dan niet bestaan van DPD-deficiëntie. Verwijderen van de verwijzing in rubriek 4.9 dat er geen antidotum bestaat.
  • aldesleukine. Toevoeging van de bijwerkingen griepachtige verschijnselen, hyponatriëmie en hypofosfatemie met de frequentie ‘vaak’.  
  • allopurinol. Toevoeging van de bijwerkingen angio-oedeem en anafylactische reactie met frequentie ‘zeer zelden’.
  • amantadine. Toevoeging van een waarschuwing voor het ontstaan van stoornissen in de impulsbeheersing en voor het optreden van visusstoornissen. Toevoeging van de bijwerking stoornissen in de impulsbeheersing met de frequentie ‘niet bekend’. Toevoeging van de bijwerkingen wazig zien en corneale laesies met de frequenties ‘zelden en ‘zeer zelden’.
  • amitriptyline. Toevoeging van de interactie met valproaat. Aanpassing van de bijwerking hallucinaties (verwijderen van ‘in schizofrene patiënten’). Toevoeging van hyponatriëmie als symptoom van overdosering.
  • cisplatine. Toevoeging van de bijwerking veneuze trombo-embolie met de frequentie ‘vaak’.
  • dapoxetine. Toevoeging van de interactie met grapefruitsap (een sterke CYP3A4-remmer).
  • gemcitabine. Toevoeging van de bijwerking trombotische microangiopathie met de frequentie ‘zeer zelden’. Toevoeging van de bijwerkingen infectie en sepsis met de frequenties ‘vaak’ en ‘niet bekend’. Toevoeging van de bijwerking pseudocellulitis met de frequentie ‘niet bekend’. 
  • ijzerpreparaten voor parenteraal gebruik. Toevoeging van de bijwerking ‘griepachtige verschijnselen’ met de een product specifieke frequentie (indien bekend).
  • levonorgestrel. Toevoeging van een ‘boxed warning’ in de bijsluitertekst om extra de aandacht te vestigen op het juiste doseerschema voor toediening van levonorgestel als noodanticonceptie.
  • valproïnezuur, natriumvalproaat. Toevoeging van de bijwerking dubbelzien met de frequentie ‘zelden’.

Meer informatie over de vastgestelde teksten voor de productinformatie van bovengenoemde producten en het tijdschema van de implementatie worden gepubliceerd op de website van het Europees geneesmiddelenagentschap EMA.

De CMDh heeft ook de volgende aanbevelingen gedaan:

Algemene anesthetica en sederende middelen

Volgend op een veiligheidswaarschuwing van de FDA (waarschuwing voor het risico op neurobiologische ontwikkelingsstoornissen bij kinderen na herhaald of langdurig gebruik van algemene anesthetica en sederende geneesmiddelen bij kinderen jonger dan 3 jaar en bij zwangere vrouwen in het derde trimester) heeft de CMDh, na overleg met de PRAC en Safety Working Party (SWP) besloten dat de productinformatie van deze geneesmiddelen moet worden aangepast.

Het gaat om de volgende werkzame stoffen: desfluraan, enfluraan, etomidaat, esketamine, halothaan, isofluraan, ketamine, propofol, sevofluraan, thiopental en methohexital (alle farmaceutische vormen).

Voor sedativa (midazolam en dexmedetomidine) is geen tekst voorgesteld, omdat voor deze stoffen geen overtuigende gegevens beschikbaar zijn en er daardoor onvoldoende redenen zijn om het klasse-effect van anesthetica te extrapoleren naar sedativa.

De bewoording die dient te worden opgenomen in de SmPC is te vinden in het CMDh-persbericht van september 2018.

Handelsvergunninghouders worden verzocht om binnen 3 maanden na publicatie van het CMDh persbericht een type IB variatie in te dienen om de productinformatie overeenkomstig aan te passen, tenzij een soortgelijke bewoording reeds is opgenomen in de productinformatie.

PSUR follow-up procedure voor intra-uteriene voorbehoedmiddelen die levonorgestrel bevatten  

Op basis van de PSUSA-uitkomst voor levonorgestrel (LNG) heeft de CMDh, op aanbeveling van de PRAC, besloten een PSUR follow-up procedure (PSUFU) te starten voor het nader beoordelen van de volgende twee aspecten:

Nader beoordelen van het mogelijke verhoogde risico op expulsie van een LNG-spiraaltje bij vrouwen met obesitas, vergeleken met vrouwen met een normaal gewicht of overgewicht.

Nader beoordelen van de effectiviteit en noodzaak van de additionele risicominimalisatiemaatregelen voor LNG-bevattende IUD's en een overzicht maken van de te minimaliseren risico’s van het geneesmiddel en de op te nemen key elements in het educatief materiaal.

De handelsvergunninghouders wordt verzocht op beide punten te reageren via een PSUFU-procedure  binnen 3 maanden na publicatie van het CMDh-persbericht van september 2018. 

Duitsland is Lead member State, het procedurenummer voor deze PSUFU-procedure is DE/H/PSUFU/00001856/201712.

Deze onderwerpen zijn besproken in de bijeenkomst van de CMDh (Co-ordination group for Mutual recognition and Decentralised procedures human) 17-19 september 2018.

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) is in dit Europese orgaan vertegenwoordigd.