Reactie CBG op verkrijgbaarheid medicijnen Albert Heijn

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) besluit of een medicijn een zelfzorgmiddel is en verkocht mag worden in de Algemene Verkoop (AV), Uitsluitend Apotheek en Drogist (UAD) of Uitsluitend Apotheek (UA). Het CBG doet dit met de laatste wetenschappelijke inzichten waarbij de vraag centraal staat of een patiënt het zelfzorgmiddel kan gebruiken zonder begeleiding van een arts op basis van gezondheidsrisico’s. Daarbij zijn alle gunstige effecten en bekende risico’s van het zelfzorgmiddel afgewogen.

De risico’s van het product worden zo klein mogelijk gehouden: geneesmiddelen in de drogist zijn beschikbaar voor een korte gebruiksperiode en lagere sterktes. Geneesmiddelen waarvoor toezicht van een apotheker noodzakelijk is (bijvoorbeeld verpakkingen die meer tabletten bevatten en hogere sterktes) komen niet in aanmerking voor de UAD-status en worden beperkt tot de categorie Uitsluitend Apotheek (UA). Dit geldt bijvoorbeeld voor hogere sterktes naproxen (550 mg) en diclofenac (25mg).

Zelfzorggeneesmiddelen zijn veilige en verantwoorde geneesmiddelen als zij worden gebruikt volgens de aanwijzingen in de bijsluiter. Bij een geneesmiddel met de UAD-afleverstatus dient de drogist verantwoorde zorg aan te bieden en de patiënt erop te wijzen dat hij of een assistent-drogist aanvullende informatie kan geven. Albert Heijn beschikt over gediplomeerde (assistent-)drogisten. Het CBG gaat er van uit dat de betrokken Albert Heijn winkels voldoen aan alle eisen die aan een UAD verkooppunt zijn gesteld en ook de geneesmiddelen mogen verkopen die door het CBG als UAD worden aangemerkt. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd ziet toe op het naleven van deze vergunningsvoorwaarden.