Gebruiksvriendelijkheid medicijnen moet beter

Kim Notenboom, beoordelaar bij het College ter beoordeling van Geneesmiddelen (CBG), deed onderzoek naar de problemen die ouderen ervaren bij hun medicijngebruik. Zij promoveert op 27 september 2017 op dit onderwerp aan de Universiteit Utrecht. Notenboom heeft voor haar onderzoek onder andere 59 zelfstandig wonende ouderen bezocht. Zij kwam tot de conclusie dat veel mensen praktische problemen hebben bij het gebruiken van hun medicijnen, zoals het openen van de verpakking, het slikken van grote medicijnen en het door midden breken van tabletten.

Goed gebruik

Het CBG vindt het belangrijk dat er aandacht is voor de conclusies van Kim Notenboom, zodat medicijnen goed kunnen worden gebruikt. Het CBG bekijkt daarom hoe gebruiksvriendelijkheid meer systematisch een plek kan krijgen in de beoordeling van medicijnen. Dit past in de aandacht die het CBG al langer voor goed gebruik van medicijnen heeft.
 
Collegelid en klinisch geriater dr. Paul Jansen roept ook de industrie op om hierin hun verantwoordelijkheid te nemen: “Gebruiksvriendelijkheid is heel belangrijk voor het goed gebruik van medicijnen. Houd daarom veel meer rekening bij de ontwikkeling van een formulering of verpakking met de grote groep oudere patiënten.”

Europa

Ook in Europese overleggen maakt het CBG zich sterk om gebruiksvriendelijkheid van medicijnen hoger op de agenda te krijgen. Voor ouderen maar ook voor andere groepen, onder andere kinderen. Zo heeft het CBG een grote bijdrage geleverd aan het rapport van het Europees Geneesmiddelenagentschap EMA over hoe medicijngebruik door ouderen gemakkelijker kan worden gemaakt. In het gepubliceerde (voorlopige) rapport staan vier aandachtspunten voor medicijnfabrikanten genoemd: therapietrouw, dosering, verpakking en het gebruik van meerdere medicijnen tegelijk. Door de oudere patiënt centraal te stellen bij deze punten, kan het goed gebruik van medicijnen vergroot worden.

Notenboom werkte gedurende haar promotie ook aan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat dit onderzoek heeft gefinancierd.