netwerk
Samen met
nationale partners en als onderdeel van een
Europees regulatoir netwerk, is het CBG blijvend
verantwoordelijk voor de beoordeling en bewaking van geregistreerde
producten gedurende de hele levenscyclus. Elke keer wanneer er iets
verandert in de klinische baten-risicobalans door bijvoorbeeld
nieuwe inzichten, gegevens over mogelijke risico’s of aanpassingen
in de productspecificaties, vindt er een (her)beoordeling
plaats.
Vanuit nationale en EU-verbanden wordt synergie nagestreefd:
- tussen wetenschap en klinische, toxicologische en
farmaceutische expertise
- in het verdelen van werkzaamheden
- in het creëren van meer efficiëntie en publiek vertrouwen in
het systeem
Het in teamverband mede vormgeven van het Europese systeem van
toelating en bewaking van geneesmiddelen is een belangrijke
strategische prioriteit van het CBG. Het CBG levert een actieve
bijdrage op Europees niveau door deelname aan een groot aantal
platforms binnen de European Medicines Agency (EMA) en
daarbuiten.
Het CBG vervult haar taken in nauwe samenwerking
met nationale partners IGZ, RIVM, Centrale Commissie
Mensgebonden Onderzoek (CCMO) en Lareb.
Geneesmiddelenbewaking
Op het gebied van geneesmiddelenbewaking (farmacovigilantie)
zijn samenwerkingsovereenkomsten met de afdeling
farmaco-epidemiologie van de Universiteit Utrecht (UU) en de
universiteit van Rotterdam (Erasmus MC). Gesteund door deze
samenwerking heeft het CBG binnen Europa een vooraanstaande plaats
ingenomen bij de beoordeling van zogenaamde
Risk Management Plannen. In opdracht van het CBG beheert
Het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb het landelijke
spontane meldingensysteem. Lareb verzamelt en analyseert meldingen
van vermoedelijke bijwerkingen die door zorgverleners, patiënten en
registratiehouders worden doorgegeven. Zo nodig geeft Lareb een
signaal af aan het CBG, zodat deze verdere actie kan
ondernemen.
Oncologie
Op het gebied van de oncologie werkt het CBG al geruime tijd samen
met het Nederlands Kanker Instituut (NKI) in Amsterdam.
Voor diabetes zijn samenwerkingsovereenkomsten aangegaan met
diabetescentra van het VU Medisch centrum in Amsterdam en het UMC
St Radboud in Nijmegen.
Psychiatrie, neurologie en
vaccins
Samenwerking met de Universiteit Utrecht op het
gebied van psychiatrie en neurologie en op het gebied van vaccins
is in ontwikkeling. Om de beoordeling van geneesmiddelen voor
kinderen te versterken, heeft het CBG een
klankbordgroep kindergeneesmiddelen opgericht.
Deze samenwerking stimuleert een vruchtbare informatie- en
kennisuitwisseling tussen de organisaties. Hierdoor kan een nog
betere afweging van de balans tussen werkzaamheid en
risico's van geneesmiddelen plaatsvinden.
Wetenschappelijke verankering
Veel van de
klinische beoordelaars van het CBG werken ook als specialist in een
academisch ziekenhuis, waardoor hun kennis en eigen netwerk
up-to-date is en blijft.
Patiënten- en consumentenorganisaties
Het CBG heeft contact met consumenten/patiënten via patiënten- en
consumentenorganisaties. Het CBG organiseert vier keer per jaar
overleggen met patiënten- en consumentenorganisaties waarin
uitwisseling van informatie en discussie plaatsvindt. Voor de
organisaties is dit belangrijk omdat zij actuele informatie over
geneesmiddelenontwikkelingen horen. Voor het CBG is het belangrijk
omdat het contact met de organisaties een goed inzicht geeft in de
geneesmiddelenpraktijk. Onderwerpen van discussie zijn bijvoorbeeld
de patiëntenbijsluiter, herhaalrecepten, zelfzorgmiddelen
(geneesmiddelen die zonder recept verkrijgbaar zijn) en
geneesmiddelen voor kinderen.
Contact Commissie
Registratie (CCR)
De Contact Commissie Registratie
(CCR) is een overleg tussen het College ter Beoordeling van
Geneesmiddelen en koepelorganisaties van de farmaceutische
industrie. In de bijeenkomsten worden onderwerpen van wederzijds
belang besproken en zo mogelijk afspraken gemaakt om gezamenlijke
problemen op te lossen. De CCR bestaat uit vertegenwoordigers
van
- Biofarmind
BioFarmind is de belangenvereniging voor de biotech, farmaceutische
en life-science industrie, kortweg, de medisch biotechnologische
industrie in Nederland.
- Bogin
Bogin - de Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland
- is de belangenorganisatie van generieke
geneesmiddelenfabrikanten.
- CBD
Centraal Bureau Drogisterijbedrijven. Het CBD vertegenwoordigt in
de CCR de leden die handelsvergunninghouder zijn.
- Nefarma
Nefarma, vereniging innovatieve geneesmiddelen Nederland,
representeert farmaceutische bedrijven die zich bezig houden met de
ontwikkeling en het op de markt brengen van nieuwe en vernieuwende
geneesmiddelen.
- Neprofarm
Neprofarm is de Nederlandse Vereniging van de Farmaceutische
Industrie van Zelfzorggeneesmiddelen en Gezondheidsproducten, en
vertegenwoordigt de belangen van fabrikanten en importeurs van
geregistreerde merkgeneesmiddelen die zonder recept verkrijgbaar
zijn.
- VES
Vereniging Euro Specialités. De VES vertegenwoordigt aanvragers van
parallelhandelsvergunningen.
Er zijn twee verschillende CCR-bijeenkomsten: bij de CCR
Regulier worden vooral beleidszaken besproken zoals nieuwe wet-en
regelgeving en interne projecten. Ook zaken als achterstanden komen
hier aan bod. Bij de CCR Praktijk worden praktische zaken rondom de
afhandeling van aanvragen besproken. De status van de
besprekingen van de CCR is vastgelegd in
dit document.
De verslagen van de CCR-bijeenkomsten zijn openbaar en te vinden
via de webpagina
Over CBG > Publicaties > Agenda's & Verslagen.
Registratie van geneesmiddelen en het kader waarbinnen dat in
Europa plaatsvindt, zijn uniek in de wereld. Alle Europese
lidstaten hebben hun eigen ervaring, medische cultuur en expertise.
Om die zoveel mogelijk te bundelen, hebben de
registratieautoriteiten een netwerk opgebouwd. Zij krijgen
medewerking en ondersteuning van het Europese agentschap voor de
geneesmiddelenbeoordeling (EMA). Dankzij het netwerk kunnen
nationale registratieautoriteiten het werk verdelen en optimaal
gebruikmaken van elkaars expertise.
Co-ordination group for Mutual recognition and Decentralised
procedures (CMD)
Binnen het netwerk werken de
registratieautoriteiten op verschillende manieren samen. Via de
Co-ordination group for Mutual recognition and
Decentralised procedures (CMD human/veterinary) werken de
nationaal verantwoordelijke autoriteiten samen in de beoordeling
van geneesmiddelen. Drs. Truus Janse-de Hoog is namens
Nederland voorzitter van de CMD(humaan), en drs. Kora Doorduyn lid
van de CMDh. Bij centrale procedures worden geneesmiddelen
beoordeeld door het Europese wetenschappelijke comité (CHMP/CVMP).
Binnen dit comité coördineren de rapporteur en co-rapporteur de
nationaal aanwezige expertise voor een Europese beoordeling.
Hierbij heeft de EMA vooral een ondersteunende rol. Namens
Nederland is dr. Barbara van Zwieten lid van de CHMP, Prof. dr.
Pieter de Graeff is plaatsvervangend lid.
Comité voor weesgeneesmiddelen (COMP)
Het comité voor weesgeneesmiddelen (COMP) werkt op een
vergelijkbare manier. Ook in die groep heeft elk land een
vertegenwoordiger die samen met een coördinator van de EMA
verantwoordelijk is voor de beoordeling van een mogelijke status
als weesgeneesmiddel van een bepaald product. Dr. Bettie Voordouw
is namens Nederland lid van het COMP.
Scientific Advice Working Party (SAWP)
Verder is er de
Scientific Advice Working Party (SAWP, een Europese
werkgroep voor wetenschappelijk advies), die heeft gekozen
voor een samenstelling van de groep op basis van expertise. Hier
zijn dus niet alle 27 EU landen vertegenwoordigd, dr. Christine
Gispen - de Wied en dr. ir. Hans Ovelgönne zijn namens Nederland
lid.
Niemand heeft alle benodigde expertise in huis en slechts weinig
registratieautoriteiten kunnen voor alle problemen direct de
benodigde hoog gekwalificeerde kennis leveren. Het Europese netwerk
garandeert echter dat de aanwezige kennis wordt gebundeld, en dat
elke lidstaat zijn eigen inbreng heeft. Door actief te zijn in het
netwerk en zich in veel groepen in te spannen, speelt Nederland een
belangrijke rol in Europa. Nederland is onder meer vertegenwoordigd
in de ‘Pharmacovigilance Working Party’, de 'Efficacy Working
Party’, de ‘Quality Working Party’ en de ‘Safety Working
Party’.