wat verwacht het college van een registratiehouder van een generiek product bij een gebruiksoctrooi?

Het Collegebeleid voor gebruiksoctrooien is per 1 december 2009 gewijzigd. De registratiehouder van een generiek product verwijdert soms informatie over de geoctrooieerde indicatie uit de gedrukte SmPC en bijsluiter. Het College wijst registratiehouders erop dat dit niet de veiligheidsinformatie mag betreffen en heeft daarom richtlijnen opgesteld over welke informatie verwijderd mag worden:

  • Alleen de informatie over het gebruiksoctrooi in de rubrieken 4.1, 4.2 en 5.1 van de SmPC en de overeenkomstige rubrieken van de bijsluiter mag verwijderd worden
  • In het belang van voorschrijvers en patiënten moet alle veiligheidsinformatie behorende bij deze indicatie gehandhaafd blijven. Dit  betekent dat de informatie in andere rubrieken van de SmPC (4.3 t/m 4.9) die gerelateerd is aan de geoctrooieerde indicatie moet blijven staan in de SmPC en in de overeenkomstige rubrieken van de bijsluiter
  • Als een geoctrooieerde indicatie niet wordt opgenomen, neemt de firma in de gedrukte bijsluiters de volgende standaardzin op:

‘<Productnaam> bevat als werkzaam bestanddeel <stofnaam>, dat ook is goedgekeurd voor andere aandoeningen die niet in deze bijsluiter staan vermeld. Vraag uw arts of apotheker als u nadere vragen heeft.’

  • In de gedrukte bijsluiter moet de volgende verwijzing naar de website van het CBG worden opgenomen, zie ook QRD template (‘Gedetailleerde informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het CBG: www.geneesmiddeleninformatiebank.nl)

Verantwoordelijkheid bij de registratiehouder

De registratiehouder kan zelf de gedrukte SmPC en bijsluiter aanpassen volgens de richtlijnen van het College zoals hierboven beschreven. Het verwijderen van de juiste informatie en het opnemen van de standaardzin in de gedrukte bijsluiter valt onder de verantwoordelijkheid van de registratiehouder. Deze is immers verantwoordelijk voor het naleven van het octrooi en het College is hierin geen partij.

De SmPC en bijsluiter (zoals vastgesteld bij registratie) worden niet gewijzigd door een octrooi en deze documenten met de volledige informatie zijn te vinden in de geneesmiddeleninformatiebank.

Bij aflopen van het octrooi dient de registratiehouder de gedrukte SmPC en bijsluiter aan te passen conform de geregistreerde teksten en dient hierover eveneens het College te berichten.

College dient te worden geïnformeerd

De registratiehouder dient hierover het College wel te informeren. Het producttype voor deze notificatie is 401. De indiening bevat:

  • de tekst van de gedrukte versies van de SmPC en bijsluiter
  • een verklaring dat de productinformatie voldoet aan bovengenoemde richtlijnen

Deze notificatie dient separaat te worden ingediend, dus niet als onderdeel van een lopende procedure. Deze notificatie kan wel parallel aan een aanvraag of variatie worden ingediend.

Bij wijzigingen in de SmPC en bijsluiter die geen betrekking hebben op de geoctrooieerde indicatie is het niet nodig om opnieuw gedrukte versies van deze documenten in te dienen. Een notificatie bij het melden en bij het aflopen van de geoctrooieerde indicatie volstaat.

Terug