wetgeving
Registratie van homeopathische geneesmiddelen is gebaseerd op
Richtlijn 2001/83/EC van het Europees
Parlement en de Raad van 31 maart 2004, en de Nederlandse Geneesmiddelenwet. De kwaliteit
en de veiligheid van geregistreerde homeopathische
geneesmiddelen moeten voldoen aan de Europese regelgeving voor
geneesmiddelen, en aan de eisen van de Europese Farmacopee.
Er worden twee groepen homeopathische geneesmiddelen
onderscheiden:
- wanneer een homeopathisch geneesmiddel bestemd is voor oraal of
uitwendig gebruik, er geen specifieke therapeutische indicatie
wordt vermeld en de verdunningsgraad van het product garandeert dat
het onschadelijk is (tenminste hoger verdund dan 1 op 10.000 van de
oertinctuur), moet registratie aangevraagd worden op grond van
artikel 42, derde lid van de geneesmiddelenwet. Deze zogenaamde
“vereenvoudigde procedure” is gebaseerd op de Europese Richtlijn,
en geldt in alle 27 lidstaten van de Europese Unie. Hierbij wordt
alleen de farmaceutische kwaliteit, en de veiligheid van het
product beoordeeld. Deze homeopathische geneesmiddelen worden
toegepast door homeopathische deskundigen op basis van het
homeopathische Similia-principe. Deze producten worden dus niet
gebruikt voor een bepaalde indicatie. Zie Geneesmiddeleninformatiebank.
- alle andere homeopathische geneesmiddelen die niet voldoen aan
de criteria voor de bovenstaande “vereenvoudigde procedure” vallen
onder artikel 42, vierde lid van de geneesmiddelenwet. Hieronder
vallen homeopathische tincturen en verdunningen onder de 1:10.000
grens, toedieningsvormen die niet oraal of uitwendig zijn, en
homeopathische producten die met een indicatie als zelfzorg product
in de handel zijn. Zie Geneesmiddeleninformatiebank.