allergie-informatie
Bepaalde stoffen kunnen zorgen voor overgevoeligheidsreacties
bij patiënten. Overgevoeligheidsreacties komen onder andere
voor bij geneesmiddelen die de volgende stof(fen) bevatten:
Glutenbevattende
geneesmiddelen
Gluten kunnen
overgevoeligheidsreacties veroorzaken bij patiënten met coeliakie.
Farmaceutische grondstoffen die gluten kunnen bevatten zijn
tarwezetmeel en voorverstijfseld zetmeel bereid uit tarwezetmeel.
Het gebruik van voorverstijfseld zetmeel bereid uit tarwezetmeel is
met ingang van 1 januari 1998 niet meer toegestaan. Tarwezetmeel
mag (nog) wel in geneesmiddelen worden verwerkt.
Het kan voorkomen dat een product van deze lijst wordt afgevoerd
omdat de registratiehouder via een door het CBG goedgekeurde
wijziging het tarwezetmeel heeft vervangen door een ander type
zetmeel. In zo'n geval kunnen er in het handelskanaal nog batches
in omloop zijn met de oude samenstelling waarin mogelijk wel gluten
aanwezig zijn. Ook indien een fabrikant besluit een geneesmiddel
niet langer te verkopen en de handelsvergunning (registratie) wordt
doorgehaald wordt het geneesmiddel van de lijst afgevoerd. Het
geneesmiddel mag hierna nog een jaar uitverkocht worden.
Patiënten dienen daarom bij twijfel altijd de bijsluiter te
controleren voor de exacte samenstelling van het verpakte
geneesmiddel.
Eventuele op- en/of aanmerkingen kunt u via ons contactformulier melden (kies: vraag over
allergie-informatie).
Lijst glutenbevattende
geneesmiddelen (laatste update: 21-4-2010)
Benzylalcoholbevattende
geneesmiddelen
Benzylalcohol wordt aangewend als conserveermiddel. Het probleem
met deze verbinding is dat jonge kinderen benzylalcohol niet kunnen
afbreken via benzoëzuur tot hippuurzuur, waardoor cumulatie kan
ontstaan van vooral benzoëzuur. Door ophoping van deze stof in het
centraal zenuwstelsel zijn de volgende bijwerkingen beschreven:
metabole acidose, vasodilatatie, paralyse, epileptische aanvallen,
ademhalingsdepressie en dood.
In de Europese richtsnoer "Excipients in the Label and Package
leaflet of Medicinal Products for Human Use, zie
http://www.emea.europa.eu/pdfs/human/productinfo/3bc7a_200307en.pdf,
wordt het volgende gemeld ten aanzien van het parenterale
gebruik van benzylalcohol:
Blootstelling minder dan 90 mg/kg/dag:
"Niet gebruiken bij te vroeg geboren kinderen of pasgeborenen.
Kan toxische reacties en allergische reacties veroorzaken bij
zuigelingen en kinderen jonger dan 3 jaar."
Blootstelling meer dan 90 mg/kg/dag:
"Niet gebruiken bij te vroeg geboren kinderen of pasgeborenen.
Vanwege het risisco van dodelijke toxische reacties als gevolg van
blootstelling aan benzylalcohol bij meer dan 90 mg/kg/dag, dit
product niet gebruiken bij zuigelingen en kinderen jonger dan 3
jaar."
Gebruik van parenterale producten bij neonaten en kinderen tot 3
jaar is daarom gecontraïndiceerd!
Systemisch of locaal gebruik van benzylalcoholbevattende
preparaten door zwangere vrouwen is niet schadelijk voor de
foetus.
In de is een overzicht gegeven van alle
benzylalcoholbevattende producten die in Nederland zijn
geregistreerd, inclusief de concentratie. De lijst is ingedeeld in
injectiepreparaten, radiofarmaceutica en overige systemisch (zoals
rektiolen en suspensies) en overige locaal (zoals crèmes). De
indeling is op naam van het werkzame bestanddeel. De lijst wordt
regelmatig door het CBG geactualiseerd. Daarnaast wordt de
productinformatie in de komende tijd gecontroleerd op de
aanwezigheid van een contra-indicatie bij gebruik bij neonaten en
kinderen onder de 3 jaar.
De datum van de laatste revisie is op de lijst vermeld.
Propyleenglycol
bevattende geneesmiddelen
Propyleenglycol wordt
veelvuldig in soms grote hoeveelheden toegepast in geneesmiddelen.
Vooral jonge kinderen en patiënten met een slechte nierfunctie
lopen hierdoor risico op intoxicatie. Om artsen te attenderen op
dit probleem publiceert het CBG een toelichting en een lijst met
propyleenbevattende parenteraal toe te dienen geneesmiddelen
inclusief de concentratie.
Propyleenglycol (PG) is een heldere, kleurloze, geurloze
vloeistof met een zoete smaak[1]. PG wordt ondermeer toegepast als
vehiculum en/of conserveermiddel in intraveneuze toedieningen,
dermatica en cosmetica en wordt gezien als een hulpstof met een
lage toxiciteit [1].
Veel geneesmiddelen bevatten PG, sommige zelfs grote hoeveelheden.
Hierdoor wordt de PG grens al overschreden bij het toedienen van de
normdoseringen van deze farmaca.
De Europese richtlijn 'Excipients in the Label and Package Leaflet
of Medicinal; products for Human Use' vermeldt een maximale
dagelijkse belasting voor zowel oraal als parenteraal van 400 mg/kg
voor volwassenen en 200 mg/kg voor kinderen
Onder normale omstandigheden wordt PG gedeeltelijk (12-45%) door de
nieren, onveranderd uitgescheiden. De resterende hoeveelheid PG
wordt door het leverenzym alcohol dehydrogenase gemetaboliseerd tot
lactaat. Vervolgens wordt het lactaat verder gemetaboliseerd tot
pyruvaat en uiteindelijk ontstaan kooldioxide en water [1-4].
Bekende bijwerkingen van PG zijn hyperosmolaliteit, hemolyse,
cardiale arrythmieën, convulsies, coma en agitatie [4]. Het
klinisch beeld komt overeen met sepsis en "systemic inflammatory
response syndrome" met de verschijnselen lactaat acidose,
hypotensie en orgaanfalen [4]. PG intoxicatie is een potentieel
levensbedreigende situatie [4]. Er is vaak sprake van metabole
acidose en hyperosmolaliteit, die zich meestal uiten als een
toename van de osmolaire- en anion gap met of zonder lactaat
acidose. De metabole acidose is mogelijk een direct gevolg van een
verhoogd PG metabolisme [4]. Klinische afwijkingen worden
geconstateerd bij hogere PG concentraties (1040-1440 mg/l).
Metabole afwijkingen worden gezien bij een wat lagere PG
concentratie (580-1270mg/l) [5].
Risicogroepen
Jonge kinderen
De halfwaardetijd van PG is bij jonge kinderen minimaal driemaal
korter. Door het mogelijk versnelde PG metabolisme bij jonge
kinderen wordt er in deze groep patiënten sneller een metabole
acidose waargenomen.
Patiënten met een slechte nierfunctie
Door de gedeeltelijke renale klaring van PG, zal de hulpstof eerder
cumuleren bij patiënten met een verminderde nierfunctie [5-7].
PG intoxicatie moet dus deel uitmaken van een differentiaal
diagnose wanneer een onverklaarbaar anion gap, metabole acidose,
hyperosmolaliteit en/of klinische afwijkingen worden
waargenomen.
De lijst propyleenglycol bevattende geneesmiddelen geeft
een overzicht van parenterale PG-bevattende producten die in
Nederland zijn geregistreerd. De indeling is op naam van het
werkzame bestanddeel, in de laatste kolom is de concentratie
vermeld. De lijst wordt door het ACBG geactualiseerd, de datum van
de laatste revisie is op de lijst vermeld.
Literatuur
1. Wilson, K.C., C. Reardon, and H.W. Farber, Propylene glycol
toxicity in a patient receiving intravenous diazepam. N Engl J Med,
2000. 343(11): p. 815.
2. Speth, P.A., et al., Propylene glycol pharmacokinetics and
effects after intravenous infusion in humans. Ther Drug Monit,
1987. 9(3): p. 255-8.
3. Demey, H.E., et al., Propylene glycol-induced side effects
during intravenous nitroglycerin therapy. Intensive Care Med, 1988.
14(3): p. 221-6.
4. Wilson, K.C., et al., Propylene glycol toxicity: a severe
iatrogenic illness in ICU patients receiving IV benzodiazepines: a
case series and prospective, observational pilot study. Chest,
2005. 128(3): p. 1674-81.
5. Cawley, M.J., Short-term lorazepam infusion and concern for
propylene glycol toxicity: case report and review. Pharmacotherapy,
2001. 21(9): p. 1140-4.
6. Al-Khafaji, A.H., W.E. Dewhirst, and H.L. Manning, Propylene
glycol toxicity associated with lorazepam infusion in a patient
receiving continuous veno-venous hemofiltration with dialysis.
Anesth Analg, 2002. 94(6): p. 1583-5
Bio-equivalentieonderzoek lijst
vrijstellingen
Voor een aantal stoffen is algemeen
aanvaard dat zij in conventionele farmaceutische vormen voor oraal
gebruik geen aanleiding geven tot biobeschikbaarheidsproblemen.
Het College acht het dan ook niet noodzakelijk dat
bio-equivalentieonderzoek wordt uitgevoerd ten behoeve van de
registratie van geneesmiddelen in een conventionele orale
farmaceutische vorm met als werkzaam bestanddeel een van de
bedoelde stoffen.
De stoffen waarom het gaat zijn opgesomd in de onderstaande lijst.
Deze lijst is alleen toepasbaar voor strikt nationale
aanvragen.
- amoxicilline
- dextromethorfan
- diazepam
- doxycycline
- fenoxymethylpenicillinekalium
- flunarizine
- indometacine
- isosorbide-5-mononitraat
- lorazepam
- lormetazepam
- metoprolol
- naproxen
- nitrazepam
- oxprenolol
- paracetamol
- pindolol
- piroxicam
- salbutamol
- temazepam
Voor specifieke dossiergebonden en meer inhoudelijke vragen kunt u
contact opnemen met het secretariaat van de
Farmacotherapeutische (FT) groep waarbinnen uw product
valt.