receptplicht
De houder van een vergunning voor het afleveren van
diergeneesmiddelen mag onder bepaalde voorwaarden
diergeneesmiddelen aan houders van dieren leveren.
Receptplicht geldt bij het verstrekken van:
1. ontwormingsmiddelen
(anthelmintica);
2. middelen tegen parasieten
(antiparasitica);
3. middelen tegen schimmels
(antimycotica);
4. kalmeringsmiddelen (sedativa);
5. niet-steroïde pijn-, koorts-,
en
ontstekingsremmers;
die bestemd zijn om toe te passen bij een voedselproducerend dier
(zoals een rund, varken, schaap, geit, kip of paard). Een
dierhouder dient eerst een recept van een dierenarts te vragen
en aan u te overhandigen.
Bovengenoemde diergeneesmiddelen vallen onder de categorie
URA (Uitsluitend op Recept Verkrijgbaar).
De overige – niet gekanaliseerde - diergeneesmiddelen, zoals
vitamines, antidiarreemiddelen, infuusvloeistoffen tegen
melkziekte, slijmoplossers, kruidengeneesmiddelen,
ijzerinjecties voor biggen en kalveren, desinfectantia en
dergelijke, mogen zonder recept blijven worden
geleverd.
Welke diergeneesmiddelen onder de receptplicht vallen kunt
u op de website in de
diergeneesmiddeleninformatiebank terugvinden.
Het Veterinair Beroepscollege heeft op 13 september 2011 de eerste
uitspraken gedaan gericht op het
uitschrijven van recepten voor URA-middelen. De dierenarts
dient ook op de hoogte te zijn van de plaats waar en de
omstandigheden waaronder de dieren worden gehouden door
tenminste jaarlijks een bezoek ter plaatse af te leggen. De
bevindingen dienen te worden vastgelegd in een controleerbare
verslaglegging en een adequaat behandelplan.