diergeneesmiddelen
Volgens artikel 1 van de Diergeneesmiddelenwet is een
diergeneesmiddel een substantie die bestemd is om - al dan niet
- na bewerking of verwerking te worden gebruikt voor:
- het genezen, lenigen of voorkomen van enige aandoening, ziekte,
ziekteverschijnsel, pijn, verwonding of gebrek van een dier;
- het herstellen, verbeteren of wijzigingen van het functioneren
van organen van een dier;
- het onderkennen van een ziekte of gebrek bij dieren door
toepassing bij een dier.
De definitie van een diergeneesmiddel gaat uit van een
substantie en van de bestemming die aan een substantie, al dan niet
be- of verwerkt, wordt gegeven. Deze bestemming kan zijn hetgeen op
het etiket wordt aangegeven of via een andere aanprijzing die door
de verkoper aan het product wordt gegeven. Ook de toepassing bij
dieren van substanties die evident een bepaalde farmacologische
werking vertonen, valt onder de bestemming als diergeneesmiddel.
Homeopathische diergeneesmiddelen vallen ook onder de
Diergeneesmiddelenwet.
Er bestaat echter een aantal categorieën diergeneesmiddelen die
uitgezonderd zijn van de registratieplicht (Artikel 20 Diergeneesmiddelenwet). Deze
uitzonderingen staan beschreven in art. 19 van het
diergeneesmiddelenbesluit én op de pagina Welke diergeneesmiddelen zijn uitgezonderd van
de registratieplicht en welke eisen zijn hierop van
toepassing?
Ook diergeneesmiddelen die niet geregistreerd hoeven te worden,
moeten voldoen aan geldende kwaliteitsnormen die gesteld zijn aan
de productie, verpakking en etikettering (GMP) (Artikel 21 van de
Diergeneesmiddelenwet).
Het Bureau Diergeneesmiddelen (BD) adviseert of een product
toegepast op dieren gezien moet worden als diergeneesmiddel. Maar
alleen een rechter kan uiteindelijk bepalen of een middel een
diergeneesmiddel is volgens de Diergeneesmiddelenwet.
Naast deze primaire taken voert het Bureau nog diverse andere taken
uit die met diergeneesmiddelen te maken hebben. Hieronder vallen
bijvoorbeeld de administratieve begeleiding van aanvragen voor
additieven, proefontheffingen, partijkeuringen, exportcertificaten
en de beoordeling en verlening van vergunningen voor de productie
en distributie van diergeneesmiddelen.