bijwerkingen
>>Let op! Het
adres van het bureau diergeneesmiddelen is
veranderd!<<
Diergeneesmiddelenbewaking, veterinaire farmacovigilantie, bestaat
uit het monitoren van gebruikservaringen en waar nodig het
aanpassen van de gebruiksmogelijkheden en –voorwaarden. Het is
te omschrijven als een gezamenlijke activiteit van de overheid, de
registratiehouder en de gebruiker, vooral de dierenarts, in de rol
van respectievelijk registratieverlener, leverancier en
gebruiker.
Eén en ander wordt uitgevoerd aan de hand van meldingen van
(vermoedelijke) bijwerkingen en de daarop uit te voeren evaluaties,
causaliteitsbepalingen en vaststelling van eventuele acties ter
voorkoming van verdere bijwerkingen dan wel betere omgang met deze
bijwerkingen.
De uitvoering van farmacovigilantie door het BD is met name
gebaseerd op de volgende informaties:
1. Individuele meldingen van bijwerkingen (BW’s)
Diereigenaren,
dierenartsen/ apothekers en
registratiehouders van diergeneesmiddelen kunnen (vermoedens
van) bijwerkingen na gebruik van diergeneesmiddelen melden. Voor
registratiehouders geldt een meldplicht wanneer zij op de hoogte
worden gebracht van een (vermoedelijke) bijwerking, diereigenaren
en dierenartsen hebben het recht om bijwerkingen te melden.
Het melden van vermoedelijke bijwerkingen
Een algemeen
gebruikte definitie van een bijwerking is als volgt:
Een (vermoedelijke) bijwerking van een diergeneesmiddel
is een reactie die schadelijk en ongewenst is en die optreedt bij
doses die normaal bij het dier voor preventie, voor het stellen van
een diagnose, voor de behandeling van een ziekte of voor een
wijziging van een fysiologische functie worden
gebruikt.
Bijwerkingen kunnen zich voordoen bij met het middel behandelde
dieren of bij dieren die anderszins met een diergeneesmiddel in
aanraking zijn gekomen. Ook reacties bij mensen die
diergeneesmidddelen hebben toegepast of ermee in contact zijn
geweest, vallen onder de noemer van meldenswaardige incidenten en
zijn belangrijk om te worden gemeld.
Alhoewel de definitie spreekt over “doses die normaal bij het
dier ….worden gebruikt”, worden bijwerkingen na afwijkend gebruik,
zoals bij niet-geregistreerde diersoorten of indicaties of
afwijkende (over)doseringen ook beschouwd als (vermoedelijke)
bijwerkingen.
Tot deze meer uitgebreide scope worden ook residuen boven de
vastgestelde veilige waardes na handhaving van de aanbevolen
wachttermijn en schadelijke effecten op het milieu
gerekend.
2. Periodieke veiligheids overzichten
(PSUR’s)
Registratiehouders (RHs) zijn gehouden tot het
maken van periodieke veiligheidsrapportages (PSUR’s) en deze òf
periodiek òf op verzoek van de registrerende overheid in te dienen.
Op Europees niveau is in wetgeving, door de European Medicines Agency (EMA) verder
gedetailleerd in richtsnoeren, bepaald op welke wijze deze
PSUR’s moeten worden opgesteld en is ook vastgelegd wat de
verantwoordelijkheden van de registratiehouders zijn en welke
taken en verantwoordelijkheden de nationale overheid heeft.
3. Het PSUR
Worksharing project: wat is het en hoe participeer ik als
registratiehouder?
Onder auspiciën van de Heads of Medicines Agencies(HMA) is een
PSUR Worksharing project gestart, waar de mogelijkheid geboden
wordt voor alle diergeneesmiddelen met hetzelfde werkzame
bestanddeel ( of een vaste combinatie van werkzame bestanddelen),
hetzelfde Data Lock Point aan te houden voor het opstellen van
PSURs.
Op deze manier is het voor registratiehouders mogelijk om in
alle Europese landen hetzelfde indieningschema voor PSUR's te
volgen.
Voor de autoriteiten biedt dit project de mogelijkheid de
beoordelingscapaciteit efficiënter te gebruiken door de
beoordelingen primair door één land uit te voeren en de gegevens en
aanbevelingen van elkaar over te nemen. Dit land geldt voor dat
werkzame bestandddeel en de daarop betrekking hebbende PSURs als
P-RMS (PSUR Reference Member State).
De implementatie van de in het PSUR-beoordelingsrapport
beschreven aanbevelingen, bijvoorbeeld aanpassingen van de SPC, is
vooralsnog een nationale aangelegenheid. Voor middelen die
geregistreerd zijn volgens de MRP of DCP is het aan te nemen dat de
RMS de aanbevelingen overneemt en implementeert.
Alle informatie over dit project is gepubliceerd op de website
van de Heads of Medicines Agencies (www.hma.eu/236.html). Hier zijn o.a. de
volgende documenten gepubliceerd:
- Lijsten met werkzame bestanddelen, als originator aangemerkte
firma, Harmonised Birth Dates, Data Lock Points en P-RMS.
- Guidance Document for Marketing Authorisation Holders on
Submissions under the EU PSUR Synchronisation Scheme
- Questions & Answers
Registratiehouders worden verzocht deze documenten te raadplegen
omdat hierin vermeld wordt hoe de PSUR's moet worden ingediend en
vervolgens in een worksharing procedure zullen worden beoordeeld.
Er worden regelmatig nieuwe Questions & Answers
gepubliceerd.
- In de aanbiedingsbrief van de PSUR moet duidelijk vermeld
worden dat de PSUR wordt ingediend als onderdeel van het PSUR
Worksharing project, en er moet bevestigd worden dat het PSUR wordt
ingediend in alle lidstaten waar het product van desbetreffende
registratiehouder is goedgekeurd.
- Er moet ook een overzichtstabel in Word-format worden
ingediend, met daarin
-
- De lidstaten waarin het product is goedgekeurd
- Productnaam, farmaceutische vorm(en) en sterkte(s)
- Registratienummers, en indien het product via een MRP of DCP is
goedgekeurd de MRP of DCP nummers
- Eén contactpersoon per firma, incl. e-mail adres voor de
procedure in alle EU lidstaten
- Het is mogelijk dat een PSUR wordt ingediend als onderdeel van
de PSUR Worksharing, en tegelijkertijd ook onderdeel is van een
aanvraag tot herregistratie c.q. registratieverlenging. In een
dergelijk geval wordt de registratiehouder verzocht de PSUR alleen
bij de PSUR Worksharing in te dienen en in de aanbiedingsbrief van
de herregistratie/verlenging te vermelden dat het PSUR gescheiden
is ingediend (met een kruisverwijzing). Het PSUR hoeft dus niet
dubbel te worden ingediend, maar alleen bij de PSUR
Worksharing.
Voor de praktische aanlevering van deze PSUR's gelden dezelfde
regels en aanleveradressen als voor andere PSURs.